vrijdag 17 juni 2005

Vandaag gingen we naar het concentratiekamp Natzwiller-Struthof. We hadden ons alleen verkeken op de tijd die het zou kosten om daar te komen. Op de kaart zagen de wegen eruit als dat je er flink door zou kunnen rijden. Niet dus.
Onderweg werden we ook nog aangehouden door de douane. Ook iets wat je niet verwacht midden in de Vogezen.
Waar we vandaan kwamen? Waar we heen gingen? Of we een groot bedrag bij ons hadden? Of dit al onze bagage was of dat de rest in ons hotel stond?
Hij wou ook nog onze ID of rijbewijs zien en daarna mochten we weer verder.
's Avonds zagen we op televisie dat dit hoorde bij een actie van de douane van verschillende landen omdat ze smokkelaars vanuit Marokko op het spoor zijn. We hadden al de indruk dat we eruit gepikt waren omdat we een buitenlands kenteken hadden.
Uiteindelijk kwamen we bij het concentratiekamp aan. Aan de kassa kregen we een hele lap papier als toegangskaartje maar we hoefden geen toegang te betalen. Er werd bij de ingang ook niet naar gevraagd.
Het terrein is nog altijd omringd door een paar rijen prikkeldraad met wachttorens. Van de barakken zijn er vier over, waarvan één de gevangenis is en een ander het crematorium en de kamers waar de experimenten op mensen uitgevoerd werden bevat.
Wat ons opviel was dat de touringcars die er stonden voornamelijk Duitse scholieren bevatten.
Buiten het kamp was een begraafplaats voor politieke gevangenen en verzetsstrijders die gedeporteerd waren.
Buiten het kamp waren ook de gaskamers maar aangezien ze daar aan het verbouwen waren konden we er niet kijken.
Met de sluitingstijd van het kamp om 12 uur keken ze niet zo precies, een kwartier later liep er nog een klas rond. Maar met de sluitingstijd van de kassa waren ze wel precies. We hadden nog net op tijd een boekje gekocht.

De Elzas had het trieste voorrecht om de enige twee concentratiekampen van Frankrijk te bezitten. Dat van Schirmeck is verdwenen, het andere was Natzwiller-Struthof. 40.000 gevangenen uit allerlei landen verbleven hier kortere of langere tijd tussen 1941 en 1944. Ongeveer 12.000 gevangenen kwamen hier om het leven.
In augustus 1944 lag het concentratiekamp midden in het strijdtoneel. Dagelijks werden er gevangenen van gevangenissen in Epinal, Nancy en Belfort aangevoerd. Het kamp was op 4000 gevangenen berekend maar al gauw waren dat er 7000. Daarna werd het kamp geëvacueerd naar Dachau.

Toegangspoort van het concentratiekamp Tussen de twee hekken werd wachtgelopen, het buitenste hek stond onder stroom Het kamp, elk vlak was een barak Één van de wachttorens
Één van de wachttorens Één van de barakken Het crematorium Hier werden de doden verbrand
Een brancard Met de verbranding van de doden werd de verwarming geregeld Aan deze kant werd het as eruit gehaald De urnenkamer
De onderzoekstafel in het laboratorium De verblijven van de mensen op wie medische experimenten uitgevoerd werden Hier werd het as uitgestrooid De gevangenis
Het martelblok Het pad langs de barakken, als je ernaast terechtkwam was je dood De galg Een transportwagon
Bij elke barak staat een monument met namen van andere kampen Het Lotharings kruis voor de geëxecuteerden Het Lotharings kruis met op de achtergrond een barak en het Mémorial National de la Déportation Mémorial National de la Déportation met daarin het lichaam van een onbekende Franse gevangene
National Cemetery of Deportation Op de begraafplaats liggen 1120 gevangenen begraven Een Frans graf Een Joods graf